Internationaal Strafhof

Oorlogsmisdadigers voor de rechter

Individuen zijn verantwoordelijk voor hun eigen oorlogsdaden. Deze vaststelling ligt ten grondslag aan de oprichting van het Internationaal Strafhof (ICC, International Criminal Court) in 2002, dat personen die verdacht worden van genocide, misdaden tegen de menselijkheid en oorlogsmisdaden vervolgt. Het gebouw op deze locatie werd voorjaar 2016 door koning Willem Alexander geopend.

De oprichting van het Internationaal Strafhof was een nieuwe mijlpaal in de geschiedenis van het internationaal recht. Tot dan toe hadden er alleen tribunalen met een min of meer tijdelijk karakter bestaan die zich beperken tot één land of gebied, zoals het Joegoslavië-tribunaal. Met het Internationaal Strafhof echter kreeg de internationale gemeenschap een permanent hof voor de vervolging van verdachten van oorlogsmisdrijven uit de hele wereld. Meer dan honderd landen hebben het Verdrag van Rome, dat aan de basis van het Internationaal Strafhof ligt, geratificeerd.

 

 

CASUS: DICTATOR ONDER VUUR

Begin 2011 brak in Libië een opstand uit tegen het bewind van Muamar Kadhafi. De opstand breidde zich steeds verder uit en de regeringstroepen raakten hun greep op grote delen van het land kwijt. De troepen van Kadhafi sloegen echter hard terug. Dankzij de steun die de rebellen van Frankrijk, Groot-Brittannië en de VS en een vliegverbod dat door de NAVO werd gehandhaafd, keerde het tij echter definitief in het voordeel van de rebellen. Het Internationaal Strafhof vaardigde onder meer tegen Khadafi een aanklacht uit. De dictator kwam echter om toen het konvooi waarmee hij probeerde te vluchten door NAVO-vliegtuigen werd gebombardeed. De exacte toedracht van zijn dood is onbekend gebleven, maar het Strafhof kon de zaak tegen hem beëindigen.

 

 

CASUS: SOEDAN

In 2003 brak in Soedan een burgeroorlog uit, toen oppositiegroepen waaronder de Justice and Equality Movement (JEM) de wapens opnam tegen de regering, die ze beschuldigden van onderdrukking van de niet-Arabische bevolking van Darfur. De regering reageerde met etnische zuivering en genocide. Het Internationaal Strafhof heeft een arrestatiebevel uitgevaardigd tegen de Soedanese president Omar al-Bashir, die hiervoor verantwoordelijk wordt gehouden.

Maar ook de rebellen begingen oorlogsmisdaden. Zo vielen strijders van JEM in 2007 de vredesmissie van de Afrikaanse Unie in Soedan aan, waarbij twaalf vredeshandhavers werden gedood. Het Hof houdt hiervoor Abdallah Banda verantwoordelijk, tegen wie het in september 2014 een arrestatiebevel heeft uitgevaardigd.